Ga naar inhoud

Aan de slag met Duitse vraagwoorden3 vmbo-g

Met dit Duits-werkblad over vraagwoorden fris je in 6 opdrachten de kennis van je 3 vmbog-leerlingen op. Of je ze nu direct uitprint voor in de les of naar wens aanpast, je bespaart hiermee flink op je voorbereidingstijd.

Werkblad

Aan de slag met Duitse vraagwoorden

Duits · 3e jaar Vmbo-g

Snel aan de slag met vraagwoorden

Om goed Duits te kunnen spreken, is het belangrijk dat je de juiste vraagwoorden kent. Denk aan woorden als 'wer', 'was' en 'wo'. Ze helpen je om gesprekken te beginnen en de weg te vragen in een Duitstalig land. Zonder deze woorden blijft een gesprek vaak beperkt tot korte antwoorden. In deze opdracht fris je je geheugen op zodat je weer vlot een vraag kunt stellen.

Vraag 1

Koppel de Duitse vraagwoorden aan de juiste Nederlandse vertaling.

BegripDefinitie (in willekeurige volgorde)
WerWaar
WasWaarom
WoWat
WannWanneer
WarumWie

Vraag 2

Vul het juiste vraagwoord in de zin in. Kies uit: wie, wat, waar, wanneer, waarom, hoe. 1.   1   ga je vanavond eigenlijk naartoe? 2.   2   heb je die nieuwe telefoon gekocht? 3.   3   is er verantwoordelijk voor deze taak? 4.   4   ben je zo verdrietig vandaag? 5.   5   moet je doen om dit examen te halen?

Vraag 3

Welk vraagwoord past het beste bij het onderstreepte zinsdeel in de zin hieronder? Ik ga morgen naar het ziekenhuis voor een controle.

De vraag is: "________ ga je naar het ziekenhuis?"

  • A.Wie
  • B.Waarom
  • C.Wanneer
  • D.Hoe

Vraag 4

Onderstaande woorden geven antwoord op verschillende vragen over een handeling. Sleep elk woord naar de juiste categorie: plaats, tijd of reden.

Schrijf het nummer van de categorie in het vakje voor het woord.

Categorieën
1Plaats (Waar?)
2Tijd (Wanneer?)
3Reden (Waarom?)
vandaag
daarom
boven
straks
hier
doordat

Vraag 5

Bedenk bij de onderstaande antwoordzin een passende vraag die begint met een vraagwoord (wie, wat, waar, wanneer, waarom, hoe). Zorg dat de vraag logisch aansluit bij wat er in het antwoord staat.

Antwoord: De docent geeft morgenmiddag om twee uur de extra uitleg in het lokaal op de begane grond.

Vraag 6

Stel je voor dat ik een antwoord geef op een vraag. Welke vraag zou ik gesteld kunnen hebben als het antwoord is: ‘Ik kom uit Amsterdam.’ en welke vraag past bij dit antwoord: ‘Ik ga naar de bioscoop.’ Denk hierbij goed aan de betekenis van herkomst en richting.

Dit werkblad, mét antwoorden, in je eigen omgeving

Maak een gratis account en dit werkblad staat direct voor je klaar: antwoordmodel erbij, elke vraag aanpasbaar en te downloaden als Word of PDF.

Meer werkbladen Duits

FAQ

Vragen over de werkbladen

Ja. Alle openbare werkbladen zijn gratis te gebruiken in je les. Wil je het werkblad downloaden als Word of PDF, of de antwoorden bekijken, dan maak je een gratis LesLoket-account aan.