Kwaliteitenspel zonder kaartjes
Leerlingen kiezen uit een lijst kwaliteiten er twee voor zichzelf en één voor een klasgenoot, mét een situatie erbij. Geen kaartspel nodig, wel het goede gesprek.
- Voorbereiding:
- Lijst met twintig kwaliteiten klaarzetten (eenmalig maken, jaren mee doen).
- Nodig:
- Kwaliteitenlijst op het digibord, Briefjes of kladpapier
- Lokaal:
- Geen aanpassing.
Zo werkt het
- 1
Projecteer de lijst en licht er drie kort toe, inclusief het verschil tussen bescheiden kwaliteiten ('geduldig', 'nauwkeurig') en zichtbare ('grappig', 'sportief'). Beide tellen even zwaar.
- 2
Iedereen kiest twee kwaliteiten voor zichzelf en schrijft per kwaliteit één situatie op waarin die zichtbaar was. Vijf minuten, in stilte.
- 3
Duo's wisselen uit: vertel je kwaliteiten en je situaties aan je buur. De luisteraar mag één keer doorvragen ('wanneer nog meer?').
- 4
Daarna de omdraai: schrijf voor je vaste maatje één kwaliteit uit de lijst op, met de situatie waarin jij die zag. Geef het briefje.
- 5
Vrijwillige afronding: wie wil, deelt wat hij kréég (niet wat hij gaf). Hardop een compliment leren ontvangen is voor pubers al een werkvorm op zich.
Pas aan op jouw niveau
Kort de lijst in tot tien concrete kwaliteiten en geef bij elke een voorbeeldzin. Stuur de duo-uitwisseling met vaste beurten: raamkant vertelt eerst, wissel op jouw signaal na twee minuten.
Volledige lijst van twintig. Laat leerlingen hun kwaliteit koppelen aan een schoolsituatie én een situatie daarbuiten; dat maakt zichtbaar dat kwaliteiten meereizen.
Voeg een derde keuze toe: één kwaliteit die je zou wíllen hebben, met de eerste stap ernaartoe. Van zelfbeeld naar ontwikkeldoel in één stap.
Laat ze reflecteren op het instrument zelf: 'welke kwaliteit op deze lijst is het moeilijkst hard te maken met een situatie, en waarom?'. Ze ontdekken dat sommige begrippen vaag zijn, en dat scherp formuleren dus een kwaliteit op zich is.
In jouw vak
Economie
Na een praktische opdracht in groepjes: ieder benoemt welke kwaliteit elk groepslid liet zien tijdens het project. Teamreflectie met dezelfde lijst, dus zonder nieuw jargon.
Nederlands
Als schrijfopdracht: werk één kwaliteit uit tot een alinea met bewering, voorbeeld en afsluiting. Betogend schrijven over het onderwerp waar elke leerling expert in is: zichzelf.
Goed om te weten
Waarom deze werkvorm werkt
Het klassieke kwaliteitenspel vraagt een kaartset per groepje; deze versie vraagt alleen een lijst van twintig kwaliteiten op je digibord. Leerlingen kiezen er twee voor zichzelf en onderbouwen die met een concrete situatie, en schrijven er daarna één op voor een klasgenoot.
De onderbouwing is het eigenlijke werk: 'ik ben behulpzaam' zegt niets, 'ik heb vorige week mijn buurjongen met wiskunde geholpen' wel. Zelfkennis onder woorden brengen is een vaardigheid die leerlingen nodig hebben bij LOB, stages en sollicitaties, en dit is de laagdrempeligste oefening ervoor.
Onderbouw of bovenbouw?
In de onderbouw gaat het om taal krijgen voor wie je bent; in de bovenbouw wordt het instrumenteel voor profielkeuze, stage en LOB-gesprekken. Herhaal hem in leerjaar 3 met de vraag 'welke kwaliteit heb je erbij gekregen sinds de brugklas?'.
Variaties (2)
- Geheime gever: de klas trekt lootjes en schrijft voor de getrokken naam een kwaliteit met situatie. Jij deelt de briefjes uit na een controle-blik. Spannender, en de stille leerling krijgt gegarandeerd ook een briefje.
- LOB-koppeling bovenbouw: laat leerlingen hun twee kwaliteiten verbinden aan een studierichting of beroep ('waar heb je hier iets aan?').