Platentektoniek: Beweging en Gevolgen
Aardrijkskunde · 5e jaar Vwo
Platentektoniek: Beweging onder onze voeten
De aarde lijkt onder onze voeten misschien solide en onveranderlijk, maar schijn bedriegt. De lithosfeer is opgebouwd uit enorme tektonische platen die als traag bewegende wrakstukken over de asthenosfeer drijven. Wanneer deze platen botsen, uit elkaar bewegen of langs elkaar schuren, bouwen er enorme spanningen op. Het plotseling vrijkomen van die energie is de drijvende kracht achter de meest indrukwekkende en vaak verwoestende natuurrampen, zoals zware aardbevingen en vulkaanuitbarstingen. In dit formatiemoment onderzoeken we hoe de bewegingen langs de randen van deze platen direct bepalend zijn voor het risico en de vorm van deze processen.
Vraag 1
Bij welke type plaatbeweging ontstaat er meestal een diepzeetrog en een bijbehorende vulkanische eilandboog?
- A.Convergentie waarbij een oceanische plaat onder een oceanische plaat duikt.
- B.Divergentie van twee continentale platen.
- C.Transforme plaatbeweging waarbij platen langs elkaar schuiven.
- D.Convergentie van twee continentale platen.
Vraag 2
Vul de ontbrekende termen in over de verschillende soorten plaatbewegingen:
Bij een 1 plaatgrens bewegen platen van elkaar af, wat vaak leidt tot vulkanisme langs mid-oceanische ruggen. Wanneer twee platen naar elkaar toe bewegen, spreken we van een 2 plaatgrens. Hierbij duikt bij een oceanische en continentale plaat de zwaardere plaat onder de lichtere plaat, een proces genaamd 3 . Tenslotte kunnen platen ook zijdelings langs elkaar schuiven bij een 4 plaatgrens, wat vooral aan de oppervlakte zorgt voor sterke aardbevingen zonder vulkanische activiteit.
Vraag 3
Plaatbewegingen leiden tot verschillende geologische verschijnselen. Verdeel de onderstaande verschijnselen en kenmerken in de juiste categorie op basis van het type plaatgrens waar ze primair voorkomen.
Schrijf het nummer van de categorie in het vakje voor het woord.
| 1 | Divergerende plaatgrens (uit elkaar bewegend) |
| 2 | Convergerende plaatgrens (naar elkaar toe bewegend) |
| 3 | Transforme plaatgrens (langs elkaar schuivend) |
| Mid-oceanische rug | |
| Diepzeetrog | |
| Breuklijnen zonder vulkanisme | |
| Vulkanische eilandboog | |
| Ontstaan van nieuwe oceanische korst | |
| Subductiezone |
Vraag 4
Welk type aardbevingsrisico of geologisch verschijnsel hoort bij welke plaatbeweging? Verbind de juiste combinatie.
| Begrip | Definitie (in willekeurige volgorde) |
|---|---|
| Destructieve plaatgrens (subductie) | Zeer zware, diepe aardbevingen en explosief vulkanisme. |
| Constructieve plaatgrens (divergentie) | Krachtige aardbevingen door wrijving, maar zonder vulkanisme. |
| Transforme plaatgrens (transversaal) | Vorming van nieuwe oceaanbodem en effusieve vulkaanuitbarstingen. |
Vraag 5
Vul in de onderstaande tabel de belangrijkste kenmerken in bij de verschillende typen convergente plaatgrenzen. Omschrijf bij elk type of er sprake is van subductie en benoem het voornaamste geologische verschijnsel (bijvoorbeeld: diepzeetrog, vulkanisme, of gebergtevorming).
| Type plaatgrenzen | Subductie (ja/nee) | Landvorm / Verschijnsel |
|---|---|---|
| Oceanisch - continentaal | ||
| Oceanisch - oceanisch | ||
| Continentaal - continentaal |
Vraag 6
Subductie is een proces waarbij aardplaten in de asthenosfeer verdwijnen. Zet de volgende fasen van het subductieproces in de juiste chronologische volgorde, vanaf het moment dat twee platen bij elkaar komen.
Zet in de juiste volgorde door 1, 2 of 3 in te vullen:
| Magma stijgt op door de korst en zorgt voor vulkanische activiteit aan het oppervlak. | |
| Door hoge druk en temperatuur in de zinkende plaat treedt partiële smelting op in de mantelwig. | |
| De oceanische plaat duikt vanwege een hogere dichtheid onder de lichtere plaat de mantel in. | |
| Een oceanische plaat beweeegt door convectiestromen richting een continentale plaat of een andere oceanische plaat. |
Vraag 7
De 'Ring van Vuur' staat bekend als de geologisch meest actieve zone op aarde. Analyseer waarom het tektonische risicoprofiel van dit gebied zo complex is. Betrek in je antwoord zowel horizontale als verticale processen bij verschillende typen plaatbewegingen (divergerend, convergerend en transforme bewegingen) en leg uit hoe deze processen leiden tot een combinatie van zowel vulkanische als seismische gevaren.
Vraag 8
Stel dat de snelheid waarmee de Nazca-plaat onder de Zuid-Amerikaanse plaat schuift (subductie) plotseling met factor 2 zou toenemen. Leg uit welke gevolgen dit kan hebben voor de vorming van het reliëf en de vulkanische activiteit in de Andes op de lange termijn. Beargumenteer je antwoord vanuit het proces van plaattektoniek.