Ga naar inhoud

Oefenen met de Present Simple: walk en walks1 havo

Bespaar jezelf wat tijd met de voorbereiding van je Engelse les. Dit werkblad over de Present Simple is perfect voor je 1 havo-leerlingen en bevat 8 gevarieerde oefeningen, van gatenteksten tot vertalingen. Je kunt het direct printen of de tekst aanpassen in je eigen Lesloket-omgeving.

Werkblad

Oefenen met de Present Simple: walk en walks

Engels · 1e jaar Havo

Oefening: Present Simple - de extra 's' bij hij, zij en het

In het Engels verandert het werkwoord in de 'Present Simple' als je praat over 'he', 'she' of 'it'. Je plakt dan een 's' achter het hele werkwoord (zoals bij walks). Bij alle andere personen ('I', 'you', 'we', 'they') blijft het werkwoord gewoon zoals het is: walk. Onthoud dus: he, she, it: s erbij!

Vraag 1

Kies de juiste vorm van het werkwoord 'to walk' in de onderstaande zin:

My best friend __________ to school every morning.

  • A.walk
  • B.walks
  • C.walkes

Vraag 2

Vul de juiste vorm van het werkwoord 'to walk' in. Let op de derde persoon enkelvoud (he/she/it).

  • I often   1   to school.
  • She usually   1   the dog in the park.
  • They   1   home after the party.
  • My brother   1   to the bus stop every morning.

Vraag 3

Kijk naar de onderstaande zinnen. Sorteer ze in de juiste categorie: moet het werkwoord 'walk' zijn, of krijgt het een '-s' (walks) door het onderwerp?

Schrijf het nummer van de categorie in het vakje voor het woord.

Categorieën
1Ik, jij, wij, zij (walk)
2Hij, zij (enkelvoud), het (walks)
I walk to school every day.
He always walks his dog.
They walk faster than me.
My sister walks to the shop.
We walk together in the park.
The cat walks on the fence.

Vraag 4

Vervoeg het werkwoord 'to walk' in de Present Simple. Vul voor elke persoon de juiste vorm in.

Vervoeg het werkwoord to walk (English).

Present Simple
I
You
He/She/It
We
You
They

Vraag 5

Maak de volgende bevestigende zinnen ontkennend. Gebruik 'do not' (don't) of 'does not' (doesn't) samen met het hele werkwoord (infinitive). Let goed op de persoon (I, you, he, she, it, we, they).

  • I walk to school every day. ->
  • He walks to school every day. ->
  • They walk to school together. ->
  • She walks the dog in the park. ->

Vraag 6

Maak van de volgende zinnen een vragende zin. Denk goed aan het hulpwerkwoord (do/does) en de vorm van het hoofdwerkwoord. 1. He walks to school. 2. They walk in the park. 3. She walks the dog.

Schrijf de vragende zinnen op:

Vraag 7

Lees onderstaande tekst over de popster Jax. Er staan drie fouten in het gebruik van de 'Present Simple' (tegenwoordige tijd). Onderstreep alleen de drie foutieve werkwoordsvormen.

Jax is a famous singer. He perform every day in front of his fans. His manager walk with him to the stage, but Jax run fast because he likes the crowd. All his songs sound great to the audience.

Vraag 8

Vertaal de volgende zinnen naar het Engels. Let bij het werkwoord goed op de juiste vorm (walk of walks).

Nederlands → English

1. Ik loop naar school. 2. Hij loopt naar de kantine. 3. Mijn vriendin loopt in het park.

Dit werkblad, mét antwoorden, in je eigen omgeving

Maak een gratis account en dit werkblad staat direct voor je klaar: antwoordmodel erbij, elke vraag aanpasbaar en te downloaden als Word of PDF.

Meer werkbladen Engels

FAQ

Vragen over de werkbladen

Ja. Alle openbare werkbladen zijn gratis te gebruiken in je les. Wil je het werkblad downloaden als Word of PDF, of de antwoorden bekijken, dan maak je een gratis LesLoket-account aan.